Charles Baudelaire aan Eugène Crépet. Parijs, ong. 15-20 mei 1860.

Charles Baudelaire
CORRESPONDENTIE
Tweede deel volwassen periode

Vertalingen Vivienne Stringa.

 

AAN EUGÈNE CRÉPET
Parijs, ong. 15-20 mei 1860.

 

      Ik ben ziek sinds gisteren en ik kan niet bewegen. Ik wil deze tekst zelf naar u toe komen brengen.
Het is overduidelijk dat ik daar niet ga herstellen van mijn ziekte, zonder het u te zeggen.

     Ik heb Hugo geschreven. Dat heb ik u al verteld, maar vanuit Londen, en als u even had nagedacht dat de vertrektijden van de boten maar één of twee keer per week plaatsvinden vanuit Guernesey, en dat Hugo alleen maar op zondag brieven schrijft, dan zou u me nu niet reeds om een antwoord vragen.

  Inhoudsopgave     Volgende brief